De wet is van toepassing op verleners van specifieke “diensten van de informatiemaatschappij”. Hoewel dat een hele brede definitie is, volgt uit de wet dat in het kader van het niet-aansprakelijkheidsregime met name is gedacht aan internetaanbieders (internetproviders) en hostingaanbieders (hostingproviders). Maar ook partijen die elektronische notificatiediensten aanbieden, sms-verkeer faciliteren of chatboxen aanbieden vallen eronder. Het moet daarbij gaan om activiteiten met “een louter technisch, automatisch en passief karakter”, oftewel dat de dienstverlener geen kennis of controle heeft over de doorgegeven of opgeslagen informatie.
Een hostingprovider doet er derhalve goed aan niet zo’n actieve rol te spelen dat deze daarmee kennis van of controle over de opgeslagen of doorgegeven gegevens heeft verkregen. Bijstand bij de formulering van de opgeslagen gegevens kan bijvoorbeeld al betekenen dat het niet-aansprakelijkheidsregime niet (meer) van toepassing is. Anderzijds leidt het suggereren van zoektermen aan gebruikers niet tot een (te) actieve rol.