Door Wouter Dammers | Aansprakelijkheidsrecht | 12 november 2020 | 6 min. leestijd
In ICT-projecten kan er veel mis gaan. Het is daarom verstandig om voordat je een ICT-project aangaat goed na te denken over de mogelijke kansen en risico’s. Zo kan er worden gedacht aan de gevolgen van een te late, te dure of ondeugdelijke oplevering van een ICT-project. Moet de ICT-leverancier daarvoor aansprakelijk worden gehouden? Of is dit een risico voor de afnemer? Dit kan op veel verschillende manieren in ICT-contracten terugkomen. Waaronder in de algemene voorwaarden. ICT-leveranciers beroepen zich wat dat betreft vaak op de uitsluiting van aansprakelijkheid, als ze worden gehouden tot schadevergoeding. Maar is dat altijd houdbaar?

Uitsluiting van aansprakelijkheid niet altijd mogelijk
Partijen moeten er op bedacht zijn dat een contractuele uitsluiting van aansprakelijkheid niet altijd het gewenste effect heeft. Zo kan een niet-aansprakelijkheidsbeding (ook wel: exoneratiebeding) waardoor het belang van de andere partij op vergaande wijze wordt opgeofferd aan dat van de een, nietig zijn. Het beding kan bijvoorbeeld in strijd zijn met de goede zeden. Ook kan het vernietigbaar zijn wegens misbruik van omstandigheden. Maar veelal zal beargumenteerd worden dat het beding vernietigbaar is omdat het onredelijk bezwarend is voor de wederpartij. Daarnaast kan het zo zijn dat een beroep op een exoneratiebeding in strijd met de redelijkheid en billijkheid kan zijn.
In strijd met de goede zeden
In de praktijk zien wij vaak contractuele uitsluitingen van aansprakelijkheid voorkomen in algemene voorwaarden. Die gaan soms zo ver dat daardoor het belang van de ene partij wordt opgeofferd aan dat van de ander. Dit kan volgens vaste rechtspraak nietig zijn wegens strijd met de goede zeden. Ook geldt dat het onredelijk bezwarend kan zijn. Tot slot volgt uit rechtspraak dat een beroep op een te ver gaande uitsluiting van aansprakelijkheid in strijd kan zijn met de redelijkheid en billijkheid. Deze controlemechanismes zijn van groot belang om van bewust te zijn bij het aangaan van contractuele afspraken, en bij de beoordeling van de rechtspositie van partijen als er een conflict is ontstaan. In deze blog leg ik uit wanneer een aansprakelijkheidsbeding in strijd kan zijn met de goede zeden.
Opzettelijk schade veroorzaken
Het uitsluiten van aansprakelijkheid voor door een partij opzettelijk veroorzaakte schade is in strijd met de goede zeden. Dit is in beginsel ongeoorloofd. Maar toch kan het in sommige gevallen zijn toegestaan. Opzet is namelijk niet altijd even opzettelijk. Het voorbeeld dat in de juridische literatuur wordt gegeven is de situatie waarin een partij in opdracht van een ander opzettelijk schade berokkend aan een zaak van een ander. De opdrachtnemer mag zich dan verschuilen achter een bedongen exoneratie, terwijl de opdrachtgevende partij dat niet mag.
Met grove schuld of bewuste roekeloosheid zelf schade veroorzaken
Wat betreft de uitsluiting van aansprakelijkheid voor aan zijn schuld te wijten gevolgen kan soms geoorloofd zijn, soms niet. Vaak wordt geoorloofd dat ‘gewone’ schuld wel uitgesloten mag worden, maar voor grove schuld niet. De vraag is dan wat grove schuld is. Uit oude wetgeving lijkt daaronder te worden verstaan de schuld die, als het al geen opzet is, zo laakbaar is dat het er niet voor onder doet en dus op de normale mens dezelfde indruk van onzedelijkheid maakt. De Hoge Raad heeft grove schuld gedefinieerd als een in laakbaarheid aan opzet grenzende schuld. Denk daarbij aan de situatie waarin iemand makkelijk een brandje zou kunnen blussen, maar dit bewust laat voortwoekeren waarna een zaak helemaal in vlammen opgaat. Grove schuld is dus in zekere zin gelijk te stellen met opzet. Uitsluiting of beperking van aansprakelijkheid is dan niet toegestaan. Bewuste roekeloosheid wordt hiervoor als synoniem gebruikt.
Om deze redenen zie je vaak in aansprakelijkheidsartikelen voorkomen dat de uitsluiting of beperking van aansprakelijkheid in geval van eigen opzet of grove schuld (of bewuste roekeloosheid) niet van toepassing is, zoals:
“De uitsluitingen en beperkingen van aansprakelijkheid genoemd in de voorgaande leden zijn niet van toepassing in het geval van eigen opzet of bewuste roekeloosheid.”
Opzet, grove schuld of bewuste roekeloosheid van ondergeschikten?
Als je voor je eigen schuld kan uitsluiten, niet zijnde grove schuld, dan kan dat ook voor gevolgen van schuld van ondergeschikten zoals personeel. De vraag is of aansprakelijkheid voor hun opzet of grove schuld of bewuste roekeloosheid kan worden uitgesloten. Dat blijkt volgens rechtspraak wel het geval te zijn. De kanttekening die daarbij wordt gemaakt in de literatuur is dat dit alleen weer niet geldt voor bepaalde ondergeschikten. Denk daarbij aan leidinggevende ondergeschikten of bedrijfsleiding. Uit de rechtspraak blijkt namelijk dat dit de toets van redelijkheid en billijkheid niet doorstaat.
En om die reden zie je dan ook vaak dat de uitzondering zoals hiervoor geciteerd soms een uitbreiding kent:
“De uitsluitingen en beperkingen van aansprakelijkheid genoemd in de voorgaande leden zijn niet van toepassing in het geval van eigen opzet of bewuste roekeloosheid van leidinggevende ondergeschikten of bedrijfsleiding.”
Rechtstreekse aansprakelijkheid van de ondergeschikte?
Stel nu dat de ICT-leverancier de aansprakelijkheid voor opzet of bewuste roekeloosheid van ondergeschikten heeft uitgesloten. Kan de teleurgestelde afnemer dan de ondergeschikte zelf aanspreken? Uit de wet volgt dat de ondergeschikte zelf zich dan eveneens kan beroepen op de uitsluiting van aansprakelijkheid door de ICT-leverancier. Maar: het is wel vereist dat de ondergeschikte zich dan op de exoneratie had kunnen beroepen alsof hij zelf partij was geweest bij de overeenkomst. In het geval van opzet en grove schuld is dat dan weer vaak niet het geval. Immers: uitsluiten van aansprakelijkheid in geval van eigen opzet of bewuste roekeloosheid is in strijd met de goede zeden.
Algemene uitsluiting van aansprakelijkheid
Wat nu als een ICT-leverancier alleen een beding hanteert waarin elke aansprakelijkheid wordt uitgesloten of beperkt, zoals:
“Leverancier sluit iedere aansprakelijkheid, om welke reden dan ook, uit.”
Is dan de hele aansprakelijkheid in strijd met de goede zeden? Nee. De wet regelt dan dat het beding onder omstandigheden gesplitst kan worden in een gedeelte dat nietig is of vernietigd kan worden (bijvoorbeeld voor zov erhet beoogt de aansprakelijkheid wegens opzet of bewuste roekeloosheid uit te sluiten) en het geldige gedeelte. De omstandigheden van het geval kunnen echter ook met zich meebrengen dat zo’n partiele nietigheid niet mogelijk is. Het is dus geen wet van meden en perzen.