Door Nick Vrugt | Contractenrecht | 10 juli 2020 | 6 min. leestijd
Door een fout op de website van MediaMarkt was het mogelijk om voor € 2,19 een iMac te bestellen. Normaal gesproken kost een iMac rond de € 2.000,-. De computers zijn door de MediaMarkt bezorgd bij de klanten en de MediaMarkt eist nu dat de klanten de iMacs terugleveren of dat zij bijbetalen.
Op De Stentor las ik dat een man uit Emmen drie iMacs voor € 2,19 per stuk bij de MediaMarkt heeft aangeschaft en dat hij weigert om deze terug te leveren. Hij meent volledig in zijn recht te staan. Volgens de man zou de MediaMarkt de koopovereenkomst hebben bevestigd door de iMacs aan hem te leveren.
In het artikel van De Stentor geeft een juridisch adviesbureau commentaar op de situatie: de man zou volgens het adviesbureau in een eventuele rechtszaak zeker kans hebben deze te winnen. Ik zie dit anders: ik denk dat deze man in een gerechtelijke procedure geen schijn van kans heeft.
Leen Bakker en Otto
We hebben soortgelijke situaties al vaker gezien. In 2017 bijvoorbeeld, toen meubelwinkel Leen Bakker verschillende hoogslapers op de website aanbood voor bedragen van € 24,- en € 85,34. Normaal gesproken kostten deze hoogslapers tussen de € 319,- en € 499,-. Vanwege aandacht op social media, bestelden tienduizenden mensen deze hoogslapers voor deze prijzen. Vervolgens gaf Leen Bakker aan dat het aanbod op de website een vergissing was en zij annuleerde de bestellingen. Enkele personen die de hoogslaper voor de lage prijs hadden aangeschaft, verenigden zich in een stichting en spanden een kort geding aan tegen Leen Bakker. De rechtbank stelde de stichting in het ongelijk: de prijzen berustten op een vergissing en de consumenten wisten dat of behoorden dat te weten. Er was daarom geen (koop)overeenkomst tot stand gekomen.
Nog eerder deed zich een andere soortgelijke zaak voor. In 2006 bood postorderbedrijf Otto een LCD-televisie voor een bedrag van € 99,- te koop aan op haar website. Deze televisie werd uiteindelijk 17 keer besteld voor deze lage prijs. Otto gaf aan dat sprake was van een vergissing ten aanzien van de prijs. Ook in deze zaak verenigden enkele consumenten zich in een stichting die een gerechtelijke procedure startten tegen Otto. Deze zaak kwam uiteindelijk zelfs bij het gerechtshof terecht. Volgens het gerechtshof had Otto voldoende aannemelijk gemaakt dat sprake was van een vergissing die voor de consumenten duidelijk moet zijn geweest op het moment dat zij de televisie bestelden. Er was bijvoorbeeld niet door Otto vermeld dat het zou gaan om een stuntprijs. Het gerechtshof oordeelde dat door de vergissing geen sprake was van een geldig aanbod van Otto. Door de aanvaarding van een niet-geldig aanbod was geen overeenkomst tot stand gekomen.
Nu wel kans van slagen door levering van de iMacs?
Bovengenoemde zaken spreken duidelijk in het voordeel van MediaMarkt. Waarom denken de man uit Emmen en het in De Stentor geïnterviewde juridisch adviesbureau dan dat de uitkomst in deze zaak anders zal zijn? Nou, in het geval van de MediaMarkt zijn de iMacs daadwerkelijk geleverd wat de zaak anders zou maken. Maar is dat wel zo?
Hoe komt een overeenkomst tot stand?
Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod en de aanvaarding van dat aanbod. Voor een geldig aanbod en voor een geldige aanvaarding is vereist dat de wil en de verklaring van de aanbieder en degene die het aanbod aanvaardt overeenstemmen. In het geval van de MediaMarkt lijkt het me (gezien de onrealistisch lage prijs) niet heel moeilijk om aannemelijk te maken dat sprake was van een fout. Het aanbod van de iMacs voor een prijs van € 2,19 per stuk stemt in dat geval niet overeen met de wil van MediaMarkt. In dat geval is geen sprake van een geldig aanbod en er komt dan geen overeenkomst tot stand.
Maar daarmee is het niet klaar. Als een met de verklaring overeenstemmende wil ontbreekt, kan de aanbieder daar onder omstandigheden toch aan gebonden zijn. Namelijk als de koper er gerechtvaardigd op mocht vertrouwen dat het aanbod wel juist was. Als daarvan sprake is, dan komt er op grond van het gerechtvaardigd vertrouwen toch een overeenkomst tot stand. In dit geval meen ik dat voor de gemiddelde persoon die een iMac aanschaft meteen duidelijk is dat het om een vergissing gaat. Het verschil in prijs is namelijk onrealistisch groot. Ik meen dat de koper daarom niet gerechtvaardigd mocht vertrouwen op het aanbod van MediaMarkt.
Kortom, in de gegeven omstandigheden acht ik het zeer onwaarschijnlijk dat er een overeenkomst tot stand is gekomen tussen MediaMarkt en de koper(s).
En de levering van de iMacs?
Of de producten zijn geleverd, is dus niet relevant voor het tot stand komen van een overeenkomst.
Wellicht zal de koper aanvoeren dat sprake is van rechtsverwerking door de levering. “Rechtsverwerking” houdt in dat de redelijkheid en billijkheid de rechthebbende in de uitoefening van zijn rechten beperken als gevolg van zijn eigen gedrag. Mogelijk heeft MediaMarkt haar rechten verspeeld door het –ondanks de fout – leveren van de iMacs.
Voor rechtsverwerking zijn echter omstandigheden vereist op grond waarvan bij de wederpartij het gerechtvaardigd vertrouwen is gewekt dat de rechthebbende zijn recht niet (meer) zal uitoefenen, of omstandigheden waardoor de positie van de wederpartij onredelijk zou worden benadeeld als de rechthebbende zijn recht alsnog zou uitoefenen.
De vraag is dus of:
- MediaMarkt door de iMacs te leveren het gerechtvaardigd vertrouwen heeft gewekt dat zij de rechtsgeldigheid van de overeenkomst niet zou aanvechten;
- de koper onredelijk wordt benadeeld als MediaMarkt de overeenkomst alsnog zou aanvechten na de levering van de iMacs.
Van de eerste situatie is niet snel sprake. De koper zal er niet snel op mogen vertrouwen dat de rechthebbende zijn rechten niet zal uitvoeren. Daarvoor is relevant dat de meeste mensen hechten aan hun rechten; ook de koper moet daarvan uitgaan. Er gelden hoge eisen voor het aannemen van rechtsverwerking op grond van een gerechtvaardigd vertrouwen. Mede in dat licht acht ik het niet erg kansrijk als de koper zou stellen dat de levering van de producten rechtsverwerking op grond van een gerechtvaardigd vertrouwen tot gevolg zou hebben. Hierbij spreekt mogelijk ook nog in het voordeel van MediaMarkt dat haar bestel- en leveringsproces waarschijnlijk grotendeels geautomatiseerd is.
Van de tweede situatie lijkt me sowieso geen sprake. Ik zie niet in hoe de koper onredelijk wordt benadeeld als hij de iMacs moet teruggeven. Ik meen juist dat MediaMarkt onredelijk wordt benadeeld als zij aan haar niet geldige aanbod wordt gehouden.

Conclusie
Kortom, ik acht de kans groot dat MediaMarkt in het geval van een gerechtelijke procedure in het gelijk wordt gesteld. In deze blog heb ik de algemene voorwaarden van MediaMarkt, waaraan de kopers waarschijnlijk zijn gebonden, nog niet eens behandeld. Daarin staan vermoedelijk nog enkele bepalingen die de zaak voor MediaMarkt nog iets sterker maken.
Overigens moet ook nog worden opgemerkt dat consumenten door de wet extra beschermd worden. Een eventueel beroep op deze consumentenrechten lijkt de man uit Emmen ook te hebben verspeeld door in het interview met De Stentor te stellen dat hij de iMacs nodig heeft voor zijn reclamebedrijf. Hij bestelde de iMacs dus niet als consument, maar in het kader van zijn bedrijfsvoering.
Ik ben benieuwd of de koper uit Emmen star blijft volhouden en de iMacs niet teruggeeft aan de MediaMarkt.