Vormgeving kan beschermd worden door rechten van intellectueel eigendom. Denk aan het auteursrecht, dat kort gezegd originaliteit vereist. Auteursrechten ontstaan zonder inschrijving in een registers. Voor bescherming op grond van het modellenrecht ligt dat anders. Een Benelux-model moet in beginsel worden ingeschreven bij het BOIP en een Gemeenschapsmodel bij het EUIPO. Het niet-ingeschreven Gemeenschapsmodel vormt hierop de uitzondering, maar kent dan ook een beperktere bescherming.

Het resultaat van modelregistraties? Beschermde vormgeving waar je verantwoord in kan investeren. Een geregistreerd modelrecht maakt het ook mogelijk om tegen inbreuk op te optreden. Anders dan bij auteursrechten kan de inbreukmaker jouw modelregistraties nagaan in het register, wat discussie kan voorkomen.

Dat modelregistraties gunstig kunnen uitwerken, bewijst de rechtszaak van juni 2020 bij de rechtbank Den Haag. De rechter oordeelde dat een afwasborstel van Edco inbreuk maakte op de modelrechten van Casa. Daarvoor was bepalend dat de Edco-borstel geen andere algemene indruk wekte dan de modelregistraties van Casa. Het verweer van Edco dat de modellen niet beschermd waren ging niet op.

De details van de zaak lees je hieronder.

Wat was er aan de hand?

Eiseres, Casa Vigar uit Alicante, is houdster van een aantal modelrechten. Het gaat om modelregistraties uit 2010 die bescherming bieden in de EU:

(Terug te vinden in het register onder nummer 001697301-0003 en 001697301-0004)

Gedaagde is Edco, een in- en exportbedrijf. Tot enige tijd geleden leverde zij de volgende afwasborstels aan Kruidvat:

Eiseres heeft vervolgens Kruidvat aangesproken op inbreuk, waarna Edco het contact overnam.

Partijen konden geen overeenstemming bereiken over de te ondertekenen onthoudingsverklaring, waarna Casa besloot om deze procedure te starten.

De vorderingen

Eiseres, Casa, vordert (kort gezegd):

  • Dat Edco wordt bevolen iedere inbreuk op de modellen te staken en gestaakt te houden;
  • Dat Edco rekening en verantwoording aflegt over de genoten winst en die winst vervolgens afdraagt;
  • Dat Edco informatie geeft over de herkomst en distributiekanalen van de Edco-borstels;
  • Dat Edco alle inbreukmakende goederen afgeeft;
  • Het voorgaande op straffe van een dwangsom;
  • Dat Edco een schadevergoeding moet betalen;
  • Dat Edco de proceskosten van Casa moet betalen.

Edco vordert op haar beurt (in reconventie):

  • Dat de modellen nietig worden verklaard.

Modelregistraties

Misbruik van recht of onvoldoende belang bij de vorderingen?

Het eerste verweer van Edco houdt in dat er sprake zou zijn van misbruik van recht. Voorafgaand aan deze procedure had Edco Casa al een redelijk voorstel gedaan, aldus Edco. De rechter oordeelt anders: partijen hebben geen overeenstemming bereikt over een onthoudingsverklaring en verkeerden niet in een stadium van onderhandeling waarin deze niet meer konden worden afgebroken. Het starten van de procedure door Casa is dan ook geen misbruik van bevoegdheid.

De rechter oordeelt ook dat Casa voldoende belang heeft bij haar vorderingen.

Zijn de modelregistraties geldig?

Vervolgens beoordeelt de rechter of de modellen van Casa geldig zijn. Hiervoor geldt het volgende criterium: een model is beschermd indien en voor zover het nieuw is en eigen karakter heeft (artikel 4 GModVo).

Zijn de modellen nieuw?

Allereerst stelt de rechter stelt vast dat de modellen van Casa de volgende kenmerken hebben:

  • het zijn afwasborstels met een langgerekte steel;
  • de borstelkop is het ‘gezicht’, met een daarop getekend gezicht van een vrouw (ogen en mond) en een deel van het ‘kapsel’;
  • de borstelharen zijn het ‘haar’ en zijn bovenop de borstelkop aangebracht, zodanig dat het ‘haar’ van de vrouwfiguur bovenop het hoofd strak omhoog naar achteren staat als opgestoken ‘gekleed’ kapsel;
  • het uitgebeelde vrouwfiguur heeft een lange nek, met daaronder een avondjurk met duidelijk zichtbare vrouwelijke vormen: een buste en een smalle taille.

Ook stelt de rechter nog een aantal kenmerken vast ten aanzien van de afzonderlijke modellen.

Edco stelt dat de modellen niet nieuw zijn, onder verwijzing naar het volgende vormgevingserfgoed (ook wel Umfeld genoemd):

1.

De rechter oordeelt dat dit niet sexe gebonden figuren zijn en dat het ‘haar’ ook rond het ‘hoofd’ zit. Ook hebben de borstels een zuignap aan de onderkant van de steel.

2.

De rechter oordeelt dat deze borstels niet kunnen ‘staan’. Verder geldt dat het alledaagse figuren zijn, zonder vrouwelijke vormen en dat de ‘jurk’ vierkant en hoekig is.

3. ,

De rechter oordeelt dat het een niet sexe gebonden figuur is, met een ‘lichaam’ bestaande uit een simpele, bolle verdikking van de steel. Het ‘haar’ zit ook rondom het ‘hoofd’.

De rechter komt tot de conclusie dat de modellen op meer dan ondergeschikte details verschillen van de voorbeelden uit het Umfeld. Kortom: de modellen van Casa voldoen aan het nieuwheidscriterium.

Hebben de modellen een eigen karakter?

De rechter stelt voorop dat het gaat om de volgende criterium: een model wordt geacht een eigen karakter te hebben, indien de algemene indruk die het bij de geïnformeerde gebruiker wekt, verschilt van de algemene indruk die bij die gebruiker wordt gewekt door modellen die vóór de eerdergenoemde datum voor het publiek beschikbaar zijn gesteld.

Daarbij komt het aan op de algemene indruk die de individueel beschouwde modellen uit het Umfeld zullen hebben op de geïnformeerde gebruiker.

De rechter oordeelt dat de afwasborstels uit het Umfeld – als zij ieder voor zich individueel worden beschouwd – op de geïnformeerde gebruiker een andere totaalindruk maken dan de modellen van Casa:

In het bijzonder door hun rechtop staand ‘lichaam’ met een lange nek en een effen strapless avondjurk, die duidelijk zichtbare vrouwelijke vormen (een buste en een smalle taille) toont, zullen de Modellen een andere totaalindruk maken op de geïnformeerde gebruiker. De Modellen voldoen daarmee ook aan het vereiste van het eigen karakter.

Kortom: de modellen van Casa hebben ook een eigen karakter. De modellen zijn dus geldig.

Is er spake van inbreuk?

Nu de modellen geldig zijn, moet worden beoordeeld of er sprake is van inbreuk. Dit wordt beoordeeld aan de hand van de volgende vraag: wekken de Edco-borstels bij de geïnformeerde gebruiker geen andere algemene indruk dan de modellen van Casa?

Relevant is dat de vergelijking zich beperkt tot die uiterlijke eigenschappen/kenmerken (voor zover kenbaar uit de modelregistraties) die als relevant mogen gelden en duidelijk zichtbaar zijn.

De beschermingsomvang van de modelregistraties

Ook is relevant dat de beschermingsomvang van een model niet altijd hetzelfde is:

Voor de bepaling van de relevante beschermingsomvang van de Modellen dient te worden gelet op de afstand die bestaat tussen het model en eerdere soortgelijke modellen. De beschermingsomvang van een model is daarvan afhankelijk, in die zin dat deze nooit groter kan zijn dan de afstand die het model zelf heeft genomen ten opzichte van het vormgevingserfgoed.

Gelet op het vormgevingserfgoed komt de rechter tot de conclusie dat de beschermingsomvang van de modellen gering is.

De vergelijking tussen de modelregistraties en de modellen van Edco

Afwasborstel 1 vs. de modellen van Casa:

Links het model van Edco, rechts de modellen van Casa (zoals gedeponeerd)

De rechter oordeelt dat er geen sprake is van inbreuk. Relevant is dat het model van Edco ‘armpjes’ heeft en een hooggesloten jurk met mouwtjes. Ook is de jurk vrijwel vormloos, en is de jurk geel. Ten aanzien van het eerste model van Casa geldt nog dat het ‘haar’ anders is en ten aanzien van het tweede model geldt dat de jurk een klokkende wijde rok heeft.

Afwasborstel 2 vs. de modellen van Casa

Links het model van Edco, rechts het model van Casa (zoals gedeponeerd)

Ten aanzien van de tweede borstel van Edco oordeelt de rechter anders. De Edco-borstel maakt volgens de rechter geen andere totaalindruk dan het model van Casa. Daarvoor is relevant:

Beide afwasborstels [zijn] vormgegeven als een staande vrouwelijk figuur met een lange hals/nek, zonder armen, in een strakke avondjurk met een sleepje, met de borstelkop en borstel als ‘gezicht’ en ‘haar’. Beide borstelkoppen hebben een vergelijkbare ronde vorm, met een gezichtje en een deel van het kapsel erop getekend. De positionering van de borstelharen op de borstelkop is eveneens vergelijkbaar: de borstelharen zijn bovenop de borstelkop aangebracht, zodanig dat het ‘haar’ van de vrouwfiguur bovenop het hoofd strak omhoog naar achteren staat, in een ‘gekleed’ kapsel.

Kortom: er is sprake van inbreuk.

Toewijzing vorderingen

De rechter wijst de vorderingen van Casa toe ten aanzien van de tweede afwasborstel van Edco. Wel oordeelt de rechter dat de schadevergoeding alleen toewijsbaar is voor zover het schadebedrag de af te dragen winst te boven gaat. Hoe hoog deze schadevergoeding, moet worden bepaald in een schadestaatprocedure.

Ten aanzien van de proceskosten oordeelt de rechter dat beide partijen hun eigen kosten dragen omdat zij beide deels in het ongelijk zijn gesteld. Echter, in de reconventie (de vordering tot nietigverklaring), is alleen Edco in het ongelijk gesteld. Edco draagt daarom de kosten die Casa heeft moeten maken voor de reconventie.

Conclusie: modelregistraties zijn nuttig

Uit deze rechtszaak volgt dat modelregistraties een goede basis kunnen vormen om je vormgeving te beschermen. Zelfs als er al enigszins vergelijkbare producten op de markt waren, kan een model als voldoende nieuw worden aangemerkt en kan het model voldoende eigen karakter worden toebedeeld. Ook blijkt weer dat het inbreukcriterium vrij breed is: het gaat erom of er een geen andere algemene indruk wordt gewekt door de wederpartij. Ook het gebruik van een afwasborstel die toch een aantal verschillen vertoont, kan dus worden verboden op grond van geldige modelregistraties.

Vragen over modelrechten? Neem gerust contact met ons op.

Naar blog overzicht

recht