Door Nick Vrugt | Auteursrecht | 19 november 2020 | 4 min. leestijd
Het is toegestaan om auteursrechtelijk beschermde werken in een gerechtelijke procedure als bewijs te gebruiken. Ook als je zelf niet de auteursrechten hebt. Dit lijkt misschien logisch. Om een geschil goed te kunnen beslechten, moet de rechter namelijk kennis kunnen nemen van alle relevante stukken. Iedereen heeft recht op een eerlijk proces en een doeltreffende voorziening in rechte. Een Zweedse rechter was er echter toch niet zo zeker van of auteursrechtelijk beschermd materiaal mocht worden gebruikt. Hij besloot vragen te stellen aan het Hof van Justitie van de EU. Het hof oordeelt dat het als bewijs overleggen van auteursrechtelijk beschermde werken in een procedure niet kwalificeert als een “mededeling aan het publiek”. Daarmee is dit geen handeling die is voorbehouden aan de auteursrechthebbende. Het mag dus!
Wat was er aan de hand?
In Zweden loopt een procedure tussen twee personen die allebei een eigen website beheren. De gedaagde in die procedure heeft een kopie van een tekstpagina met een foto overgelegd als bewijs. Deze pagina is afkomstig van de website van eiser. Eiser stelt het auteursrecht te hebben op de overgelegde foto en vordert een schadevergoeding van gedaagde. Gedaagde zou door het overleggen van de foto in de procedure inbreuk maken op de auteursrechten van eiser.
In eerste aanleg oordeelt de Zweedse rechter dat de foto auteursrechtelijk beschermd is. Het ter beschikking stellen van de foto aan de rechter zou een mededeling zijn die is voorbehouden aan de auteursrechthebbende. Maar van schade bij eiser is volgens de rechter niet gebleken, waardoor de vordering wordt afgewezen.
Eiser gaat in hoger beroep tegen het vonnis. De rechter in hoger beroep besluit om aan het Hof van Justitie de vraag te stellen of er sprake is van een “mededeling aan het publiek” wanneer een werk wordt overgelegd aan een rechter.
Auteursrecht in Europees verband
Naar Nederlands recht is een werk auteursrechtelijk beschermd als het werk een “eigen oorspronkelijk karakter” heeft en “het persoonlijk stempel van de maker” draagt. In Europees verband geldt dat voor auteursrechtelijke bescherming vereist is dat sprake is van een “eigen intellectuele schepping”. In de praktijk is deze Europese toets gelijk aan de Nederlandse toets.
Als een werk auteursrechtelijk is beschermd, dan zijn bepaalde handelingen met betrekking tot dat werk voorbehouden aan de auteursrechthebbende. Het betreft naar Nederlands recht het “verveelvoudigen” en “openbaar maken” van het werk. In Europees verband wordt van een “reproductie” gesproken in plaats van een verveelvoudiging en van een “mededeling aan het publiek” in plaats van een openbaarmaking.

Mededeling aan het publiek
Om te spreken van een “mededeling aan het publiek” moet sprake zijn van:
- een mededelingshandeling; en
- een publiek.
Van een “mededelingshandeling” is sprake als een gebruiker met volledige kennis van de gevolgen van zijn handelwijze toegang verleent tot een beschermd werk.
Van een “publiek” is sprake als de mededeling door een onbepaald aantal potentiële ontvangers kan worden ontvangen. Dit betekent dat de mededeling moet zijn gedaan aan personen in het algemeen en dus niet aan specifieke individuen die tot een bepaalde private groep behoren. Het begrip publiek impliceert bovendien een vrij groot aantal personen.
Geen mededeling aan het publiek
Het hof oordeelt dat het overleggen van bewijs aan een rechter niet kwalificeert als een mededeling aan het publiek.
De mededeling is namelijk gericht tot een duidelijk afgebakende en besloten groep personen. Namelijk de personen die bij een gerechtelijke instantie werkzaam zijn. Het betreft dus geen mededeling aan een onbepaald aantal potentiële ontvangers. Met andere woorden: de mededeling wordt niet gedaan aan personen in het algemeen, maar aan bepaalde individuen.
Grondrechten
Het hof wijdt vervolgens ook nog enkele woorden aan de grondrechten van burgers. Zowel het auteursrecht (artikel 17 lid 2 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie) als het recht op een doeltreffende voorziening in rechte (artikel 47 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie) kunnen als (Europees) grondrecht worden beschouwd. Tussen deze grondrechten dient een rechtvaardig evenwicht te bestaan.
Het grondrecht op een doeltreffende voorziening in rechte zou volgens het hof ernstig worden aangetast als een auteursrechthebbende zich tegen de overlegging van bewijs aan een rechter kan verzetten op de enkele grond dat dit bewijs auteursrechtelijk beschermd materiaal bevat.
Conclusie
Al met al, bepaalt het hof dus dat het begrip “mededeling aan het publiek” zich niet uitstrekt tot het geval waarin een beschermd werk aan een rechter wordt overgelegd als bewijs in een gerechtelijke procedure. Auteursrechtelijk beschermde werken mogen dus als bewijs in een procedure worden gebracht.
En gelukkig maar! Indien dit namelijk niet het geval zou zijn, dan zou dit zeer problematisch zijn. De auteursrechthebbende zou dan steeds toestemming moeten verlenen om het werk als bewijs te kunnen gebruiken. Als de auteursrechthebbende de wederpartij is, dan gaat hij die toestemming natuurlijk niet verlenen. Het risico bestaat dan dat je auteursrechtinbreuk pleegt als je in een procedure verweer voert.