Door Lawfox | Merkenrecht | 18 juni 2021 | 3 min. leestijd
Begin dit jaar kregen onderzoekers van het Europese bureau voor intellectuele eigendomsrechten (EUIPO) een tweetal portretten voor zich om te beoordelen of dit een merk kon zijn. De portretmerken van twee jonge dames, die een zekere bekendheid genieten als fotomodel, zijn van Maartje Verhoef (IEF 19979) en Yasmin Wijnaldum (IEF 19980). Het bureau weigert de inschrijving als merk wanneer het niet voldoet aan bepaalde voorwaarden. In deze twee gevallen oordeelt de driekoppige Kamer van Beroep dat dit wel als geldig merk wordt ingeschreven voor de genoemde diensten.
Wat was er aan de hand?
In 2017 resp. 2018 verzoeken twee modellen de inschrijvingen van twee beeldmerken. Het zijn twee portretfoto’s van een jongedame, voor de diensten van mannequins en fotomodellen voor publiciteit, verkooppromotie, ontspannende en recreatieve doeleinden (klasse 35 en 41). Let wel, dit gaat niet om een portretrecht, maar een portretmerk. Inschrijving hiervan werd in eerste instantie door de onderzoekers geweigerd.
Waarom werd het portretmerk in eerste instantie geweigerd?
De onderzoeker deed de mededeling dat het aangevraagde merk elk onderscheidend vermogen miste met betrekking tot de diensten waarvoor bescherming werd aangevraagd. In de latere beslissing werd uitgebreid toegelicht dat:
- de afbeelding “bestaat uit niet meer dan een natuurgetrouwe weergave van het hoofd/gezicht van een (jonge) vrouw”.
- Het merk vertegenwoordigt slechts de mannequin of het fotomodel dat de dienst verleent.
- Hoewel een pasfoto van een gezicht uniek is, is het geen kenmerk dat onderscheidend vermogen verleent. Uniciteit en onderscheidend vermogen zijn twee verschillende concepten. Elk gezicht is uniek, maar dit betekent niet dat het meteen wordt opgevat als een aanduiding van de commerciële herkomst van de aangevraagde diensten.
- De Europese consument die niet met Maartje Verhoef bekend is ziet slechts een ‘face in the crowd’, een gezicht in de bevolking van circa 450 miljoen mensen waardoor de mogelijke herkomst aanduidende functie van een gezicht verloren gaat.
- Er ontelbare foto’s van hoofden/gezichten van vrouwen op allerlei gebied bestaan, onder andere in de modellenwereld.
- het verband tussen merk en aangevraagde dienst te nauw is, en
- Niet aangetoond dat het portretmerk onderscheidend vermogen heeft gekregen door gebruik daarvan.
Waarom is het nu dan toch toegestaan?
De Kamer van beroep stelt allereerst dat zij niet inziet waarom het moeilijker is om het onderscheidend vermogen vast te stellen. Dit is niet ingegeven door het feit dat het beeldmerk een natuurgetrouwe weergave betreft. Dat een foto een natuurgetrouwe weergave is, betekent niet dat deze weergave niet als merk kan worden opgevat. Des te meer aangezien de afbeelding op zich niets zegt over de aangevraagde diensten.
Oftewel: een portret van een fotomodel kan een geldig merk opleveren voor diensten met betrekking tot fotomodellen.
Er lijkt dus weinig aan in de weg om ook uw gezicht als visitekaart, nee, als portretmerk voor uw bedrijf in te schrijven. Ook als u (nog) niet in de fotomodellenwereld zit. Of een gewoon getekend plaatje, of een woordmerk. We zijn u uiteraard graag van dienst voor advies, inschrijving en verdediging van uw merk. Stuurt u ons dan een mail: info@lawfox.nl .