Begin augustus van dit jaar is IPS door de rechtbank Midden-Nederland in het gelijk gesteld in een langlopende rechtszaak die een oude samenwerkingspartner tegen haar had aangespannen. De zaak betrof een agile softwareontwikkelingstraject. Ik heb in deze zaak IPS bijgestaan. In deze blog bespreek ik de argumenten die IPS naar voren heeft gebracht, en wat de rechtbank daarmee doet. Het is een interessante zaak voor de praktijk, omdat de rechtbank belang hecht aan het agile karakter van het project.

IPS heeft in opdracht van Synergy Systems software ontwikkeld voor een “Weight Manager” voor een basisweegschalensysteem  met de intentie om die gezamenlijk te gaan exploiteren. Synergy Systems was echter ontevreden, en heeft IPS een dagvaarding gestuurd. Daarin vordert zij ontbinding van de overeenkomst en schadevergoeding. IPS heeft zich echter altijd op het standpunt gesteld dat daarvoor geen grondslag is.

recht

Initiële afspraken over agile/scrum ontwikkeling van software

IPS stelt dat partijen enkel afspraken hebben gemaakt voor “fase 1” van deze softwareontwikkeling. Doel daarvan was om de communicatie met de software mogelijk te maken. Andere functionaliteiten zijn initieel buiten beschouwing gelaten. De software is ontwikkeld aan de hand van korte “sprints” en oplevering op “iteratieve wijze” (een agile/scrum-ontwikkeling). Synergy Systems zou IPS hiervoor een vast bedrag van € 72.000,- betalen, opgedeeld in initieel vijf termijnen. De projectplanning zouden partijen later afstemmen.

Beschrijving van gewenste functionaliteit blijft uit

IPS heeft Synergy Systems meermaals verzocht om schriftelijk vast te leggen aan welke functionaliteiten “Fase 1” zou moeten voldoen. Die beschrijvingen zijn er niet gekomen. IPS heeft daarom zelf de werking van de functionaliteiten moeten achterhalen. Daarop zijn de ontwikkelde communicatieprocessen in oktober 2019 conform offerte al goed op orde. Vervolgens heeft IPS de software doorontwikkeld.

Aanvullende wensen

Op enig moment ontstaat bij Synergy Systems een aanvullende wens om ook een eigen weegsysteem te ontwikkelen. De aansturende software daarvoor ontwikkelt Synergy Systems zelf. IPS ontwikkelt parallel daaraan de communicatiesoftware die daarmee zou gaan functioneren. Synergy Systems loopt echter vertraging op in de eigen ontwikkeling van firmwaresoftware en mede daardoor in het aanleveren van functionele beschrijvingen van de eigen weegsystemen aan IPS.

Nieuwe afspraken over de samenwerking

IPS heeft op 20 maart 2020 aan Synergy Systems haar klachten geuit over hoe de samenwerking verloopt, en wijst onder meer op het ontbreken van functionaliteitsbeschrijvingen. Ze stelt dat ze de overeenkomst wil beëindigen, tenzij partijen het eens kunnen worden over een aantal voorwaarden. Die voorwaarden komen partijen vervolgens overeen.

Uit deze eerste herziening van afspraken volgt dat Synergy Systems het projectmanagement op zich neemt, waaronder qua communicatie, planning en beschrijving van functionaliteiten.

Qua planning spreken partijen af dat het primaire doel is om voor 1 juli 2020 een werkende applicatie op te leveren. Het werk wat na 1 juli 2020 nog resteert zal in weekblokken worden ingedeeld. Synergy Systems betaalt de resterende projectsom verdeeld over deze weken. Ook zal een roadmap worden opgesteld voor de te ontwikkelen software voor de komende 24 maanden.

In april 2020 lijkt de samenwerking goed te verlopen: een eerste release van de applicatie wordt tevreden ontvangen door Synergy Systems.

Weer vertraging door uitblijven betalingen en feedback

Daarop ontstaat echter weer vertraging doordat Synergy Systems te laat is in het verrichten van deelbetalingen. Ook levert Synergy Systems geen feedback.

IPS stelt daarop voor om af te spreken dat Synergy Systems iedere woensdagochtend een betaling doet, waarop zij op woensdagmiddag of donderdagochtend nieuwe en/of verbeterde functionaliteit oplevert om vertraging te voorkomen. Dit leidt tot een tweede herziening van afspraken.

Hierop waarschuwt IPS Synergy Systems ook nog dat zij onduidelijke beschrijvingen geeft, waardoor vertraging kan ontstaan.

Herziening van afspraken

Omstreeks eind mei-begin juni hebben partijen overleg over de oplevering. Daarop wordt duidelijk dat ze het schema van 1 juli 2020 niet halen, en dat de focus komt te liggen op het werkend krijgen van “batch starten”. De planning voor de ontwikkeling van andere functionaliteiten voor fase 1 komt te liggen na 1 juli.

Synergy Systems erkent daarop dat de termijn van 1 juli is verlaten. Daaraan worden geen consequenties verbonden. Sterker nog: Partijen komen op 2 juli 2020 tot een derde herziening van de gemaakte afspraken.

Software staat klaar voor oplevering

Ondanks de vertraging die daarop weer worden veroorzaakt door Synergy Systems is rond eind november / begin december 2020 100% van de gewenste (en meer dan overeengekomen) functionaliteiten klaar.

Dat de software gereed is blijkt ook wel uit het feit dat Synergy Systems de software begin november 2020 verkoopt aan een klant. Dat is echter zonder medeweten van IPS gebeurt, terwijl partijen de intentie hadden tot gezamenlijke exploitatie. Juist met die intentie had IPS meer geïnvesteerd in de ontwikkeling van de software dan initieel was afgesproken. Zij had de intentie de extra investeringen terug te verdienen door middel van de gezamenlijke exploitatie.

IPS heeft Synergy Systems daarom verzocht om in lijn met de initiële uitgangspunten afspraken te maken over intellectueel eigendomsrecht, onderhoud, beheer en dergelijke. Synergy Systems besluit daarop eenzijdig de samenwerking op te zeggen en de afspraken niet meer na te komen.

Partijen bespreken daarop nog een regeling, maar die komt niet tot stand.

Opdrachtovereenkomst

Voor de rechtbank stelt IPS zich op het standpunt dat partijen een opdrachtovereenkomst hebben gesloten waarbij IPS software ontwikkelt voor Synergy Systems. Uitgangspunt was een jarenlange samenwerking voor de ontwikkeling en de gezamenlijke exploitatie van de weegschaalsoftware. Wegens de complexiteit is deze ontwikkeling opgedeeld in minimaal drie fasen. Partijen hebben slechts overeenstemming bereikt over de eerste fase.

Synergy Systems is (in ieder geval na de eerste herziening van afspraken, maar volgens IPS ook daarvoor) verantwoordelijk voor het projectmanagement, waaronder uitdrukkelijk begrepen voor de planning, het opstellen van de functionele beschrijvingen, het beschrijven en bijhouden van feedback en de communicatie. De verantwoordelijkheid voor het welslagen van het project ligt daarom bij Synergy Systems.

Geen fatale termijnen?

Partijen hebben nooit harde deadlines afgesproken. Wel zijn er planningen in onderling overleg besproken. Die planning was echter ook nooit “hard”, en bovendien afhankelijk van de input van Synergy Systems, zoals de functionele beschrijving die Synergy Systems een of meerdere weekblokken vooruit probeerde op te stellen. Daardoor zijn er maar liefst 18 projectbeschrijvingen en dito planningen tot stand gekomen. En tot drie keer toe herziene afspraken. Steeds zijn er geen consequenties verbonden aan het niet halen van termijnen. Partijen hebben steeds in goed vertrouwen met elkaar doorgewerkt.

Schuldeisersverzuim?

IPS heeft alle functionaliteiten ontwikkeld en tot blok 8 volgens de gemaakte afspraken klaargezet voor deeloplevering. Synery Systems heeft de betalingen tot en met blok 8 van 10 verricht. Daarna is er niet meer betaald. Ook heeft Synergy Systems sindsdien geen feedback meer geleverd. Conform de “scrum”-methode zijn deze blokken opgeleverd en betaald. Ook de daaropvolgende blokken heeft IPS ontwikkeld. Begin december 2020 hebben partijen besproken dat fase 1 zodanig klaar is dat IPS nog twee functionaliteiten klaar heeft staan. Synergy Systems diende die slechts nog van feedback te voorzien, en twee betalingen te verrichten zodat het project afgerond kan worden. Synergy Systems diende daarop als eerst te presteren. Dat doet zij echter niet.

Daardoor verhindert zij IPS na te komen. Ook wanneer IPS Synergy Systems in de gelegenheid stelt om het project binnen één week af te ronden weigert Synergy Systems dit. Synergy Systems besluit eenzijdig de overeenkomst te beëindigen en om deze niet meer na te komen en is daarmee in verzuim, stelt IPS.

Voor zover er geen sprake zou zijn van schuldeisersverzuim, is er nooit sprake geweest van schending van een fatale termijn, stelt IPS. Dit past bij een complex ontwikkelproject als deze waarbij alle betrokken partijen een bijdrage dienen te leveren. Aan overschrijding van termijnen zijn nooit gevolgen verbonden. Sterker nog, partijen zijn steeds nieuwe termijnen overeengekomen, althans levert dit rechtsverwerking op. Ook overigens is er geen sprake van verzuim van IPS.

Bovendien heeft IPS nog beargumenteerd dat ontbinding niet gerechtvaardigd zou zijn en dat de gevorderde schade geen enkele grondslag kent.

Kern van het standpunt van IPS

Kortom: Synergy Systems was verantwoordelijk voor projectmanagement, waaronder de planning. De planning liep vertraging op door het uitblijven van functionele beschrijving, feedback en (deel)betalingen door Synergy Systems – waarvoor zij verantwoordelijk was. Desondanks heeft IPS alle onderdelen van de software ontwikkeld en in deelopleveringen opgeleverd. De samenwerking stokt uiteindelijk wanneer Synergy Systems weigert te betalen voor de laatste twee deelopleveringen. Er ontstaat escalatie zodra Synergy Systems eenzijdig, in strijd met de gemaakte afspraken, de software exploiteert, en IPS haar verzoekt om een regeling. Synergy Systems zegt daarop eenzijdig de overeenkomst op. Synergy Systems is hierdoor, door haar expliciete weigering tot continuering van de samenwerking, en door geen betaling te doen na ingebrekestelling, in verzuim geraakt. Tijdens dit schuldeisersverzuim kan IPS niet in verzuim geraken. Verder heeft IPS nooit een fatale termijn geschonden en is nooit ingebreke gesteld. Bovendien is voor ontbinding of schadevergoeding geen grondslag.

Ontbinding is niet gerechtvaardigd wegens het agile karakter

De rechtbank heeft daarop over de zaak geoordeeld. Zij oordeelt dat er sprake is van een tekortkoming. Het verweer dat in de IT-rechtspraak vaak lijkt te worden aangenomen dat termijnen in beginsel niet fataal zijn, gezien het feit dat dit eerder een regel dan uitzondering is, en dat de medewerking van Synergy vereist is, volgt de rechtbank opmerkelijk genoeg niet. Zij meent zelfs dat er wel sprake is van een fatale termijn. Ze meent dat het verschuiven van een deadline niet voldoende is om aan te nemen dat de termijnen niet fataal waren.

Desondanks oordeelt de rechtbank dat IPS gelijk heeft wat betreft haar stelling dat de tekortkoming onvoldoende ernstig is om de ontbinding te rechtvaardigen. De rechtbank vindt het daarbij van belang dat er met de scrum-methode gewerkt wordt, waarbij steeds kleine delen van het project worden afgerond en getest voordat er wordt doorgegaan naar het volgende deel. Uit stukken, en uit de praktijk bij het gebruik van deze methode, blijkt dat een scrum-project gezamenlijk inspanning en samenwerking vereist. De rechtbank acht ontbinding hier dan ook niet gerechtvaardigd. De vordering tot ontbinding van de overeenkomst wordt afgewezen.

“4.11. De rechtbank is van oordeel dat de tekortkoming niet voldoende ernstig is om de ontbinding te rechtvaardigen. Dit volgt uit de karakter van het project en de aard van de overeenkomst die partijen hebben gesloten. Het gaat om een ICT project. waarbij werd gewerkt volgens de scrum methode. Steeds werd een deel van het project afgerond. getest en vervolgens betaald. Deze manier van werken brengt vaak mee dat als deadlines niet gehaald worden er toch steeds nieuwe afspraken worden gemaakt. om er voor te zorgen dat het project alsnog succesvol afgerond zou kunnen worden. Dat was ook in dit geval de bedoeling Uit de stukken blijkt dat – zoals eigenlijk altijd in dit soort projecten- het slagen van het project een gezamenlijke inspanning en samenwerking van partijen vergde en dat die samenwerking voor beide partijen niet naar verwachting en niet naar tevredenheid is verlopen. Beide partijen hebben daar een aandeel in gehad. Dat heeft tot gevolg dat als een bepaalde deadline niet wordt gehaald. dat niet zonder meer betekent dat het gerechtvaardigd is om de (gehele) overeenkomst te ontbinden.”

Het is een bijzonder vonnis van de rechtbank. Zo is de vraag of een fatale datum is overeengekomen is een kwestie van uitleg van de overeenkomst. Het opnemen van een oplevertermijn is niet per sé voldoende om een fatale termijn aan te nemen. Zoals IPS heeft beargumenteerd is termijnoverschrijding bij IT-projecten eerder regel dan uitzondering. In de IT-rechtspraak lijkt dan ook vaak te worden aangenomen dat termijnen in beginsel niet fataal zijn, “te meer nu feit van algemene bekendheid is dat automatiseringsprojecten kunnen uitlopen, en uitlopen ook vaak plaats vindt.” (Rb. Amsterdam 7 april 2004 (Masalco/PinkRoccade), IT en Recht nr. IT 8, r.o. 6.5.). Zeker in projecten waarbij voor de ontwikkeling van software de medewerking van de afnemer is vereist, wordt in het licht van het Haviltex-criterium verondersteld dat daaraan inherent is dat vertragingen kunnen ontstaan, waar de afnemer rekening mee moet houden. Dit brengt mee dat er geen sprake kan zijn van harde fatale termijnen (Hof ’s-Hertogenbosch 3 november 2015 (JsZ/Alert), ECLI:NL:GHSHE:2015:4428, r.o. 3.7.1.). De rechtbank gaat hier dus niet in mee. De rechtbank meent dat de termijnen voldoende concreet zijn, en dat er geen reden is om aan te nemen dat ze niet fataal zouden zijn.

Had de rechter gewoon de IT-rechtspraak gevolgd, dan was ze op dezelfde uitkomst gekomen, namelijk dat de vorderingen van Synergy Systems moeten worden afgewezen. Nu komt de rechter via een omweg alsnog tot dezelfde conclusie.

IPS wordt dus in het gelijk gesteld.

Na het vonnis heeft Synergy Systems nog gedreigd met een hoger beroep. Daarop liet IPS weten dan zelf ook nog een vordering tot betaling van openstaande facturen én schadevergoeding wegens de gemiste gezamenlijk exploitatie in zou stellen. Partijen hebben daarop overleg met elkaar gevoerd, en hebben overeenstemming bereikt zodat een hoger beroep niet nodig is.

Lees het vonnis op: https://www.itenrecht.nl/artikelen/doormodderen-in-scrum-it-project-fataal-maar-ontbinding-is-ongerechtvaardigd

Naar blog overzicht

Oranje hoofd met circuitprint als hersenen, symboliseert AI en digitale rechtspraak.

Mannelijke advocaat met bril, donkere kleding, oranje achtergrond. LAWFOX

Wouter Dammers / Over de auteur

Als oprichter van LAWFOX combineert Wouter Dammers cum laude juridische expertise met een diepe technische achtergrond. Hij is de advocaat voor ondernemers die de ‘uitleg-fase’ willen overslaan. Wouter snapt direct wat uw API, blockchain-protocol of IT-stack doet. Hij staat bekend als de juridische rebel die strijdt tegen technologisch machtsmisbruik en ‘vendor lock-in’. Met baanbrekende successen, zoals het eerste NFT-beslag in Nederland, bewijst hij dat het recht ook in Web3 gehandhaafd kan worden. Wouter biedt “Champions League kwaliteit in spijkerbroek”: topniveau advocatuur, maar dan toegankelijk, direct en zonder poeha.