Als partijen een regeling hebben getroffen, dan wordt die regeling nog wel eens neergelegd in een vaststellingsovereenkomst. Daarin staan de afspraken waar de partijen zich aan moeten houden.

Wat gebeurt er als iemand zich toch niet aan de afspraken houdt? Onlangs deed die situatie zich voor in een zaak tussen Fatboy en ZET. In een kort geding oordeelt de voorzieningenrechter dat ZET de gemaakte afspraken moet nakomen, op straffe van een dwangsom. Ik leg hieronder uit wat er aan de hand was.

De vastgestelde feiten

Eiseres in deze zaak is Fatboy The Original BV (“Fatboy”). Fatboy brengt een zitzak op de markt in de vorm van een groot kussen.

Gedaagde is ZET BVBA (“ZET”) uit België. ZET brengt producten op de markt die soortgelijk zijn aan de zitzak van Fatboy.

Fatboy en ZET hebben zowel in Nederland als in België al verschillende procedures gevoerd. De laatste instantie die erover geoordeeld heeft is het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch in 2010.

Vervolgens hebben partijen in 2012 een “vaststellingsovereenkomst tevens licentieovereenkomst” gesloten.

Inhoud vaststellingsovereenkomst

In de vaststellingsovereenkomst staat onder meer (kort gezegd):

  • Fatboy zal zich niet langer verzetten tegen de vervaardiging en exploitatie van de zitzak van ZET. Fatboy geeft ZET een exclusieve en wereldwijde licentie om de zitzak te vervaardigen, te exploiteren en te promoten.
  • ZET zal ten aanzien van overige zitzakken aan bepaalde verplichtingen voldoen. Die komen erop neer dat de zitzakken bepaalde afmetingen moeten hebben en van bepaalde stof moeten zijn gemaakt.
  • Ook is afgesproken dat de zitzakken van ZET (kort gezegd) altijd vergezeld moeten gaan van een groot label. Dat label mag o.a. niet rechthoekig zijn en niet rood of oranje.

Constateren gebruik groot rechthoekig label

In april 2021 heeft Fatboy geconstateerd dat ZET zitzakken verhandelt waarop een groot rechthoekig label zichtbaar is. Het gaat onder meer om rode rechthoekige labels.

Fatboy heeft ZET verschillende sommaties gestuurd. Daaraan heeft ZET geen gehoor gegeven. ZET neemt onder meer het standpunt in dat de vaststellingsovereenkomst in strijd is met het mededingingsrecht en daarom nietig zou zijn.

De vorderingen

Fatboy stapt naar de voorzieningenrechter om ZET te gebieden de vaststellingsovereenkomst na te komen, op straffe van verbeurte van een dwangsom en met veroordeling van ZET in de proceskosten.

nakoming

De beoordeling

In het vonnis staat dat een vordering tot nakoming alleen kan worden toegewezen indien voldoende aannemelijk is dat de bodemrechter het standpunt van eiser zal volgen en indien van eiser niet kan worden gevergd dat hij de uitspraak in de bodemprocedure afwacht.

Spoedeisend belang?

Volgens ZET heeft Fatboy geen spoedeisend belang bij haar vordering, wat in een kort geding wel vereist is. ZET geeft aan dat zij haar huidige labels al sinds 2017 gebruikt nadat zij daarover overleg had gevoerd van Fatboy. De voorzieningenrechter oordeelt dat van overleg niet echt sprake is geweest. ZET heeft weliswaar voorbeelden van de labels aan Fatboy gestuurd, maar daarop heeft Fatboy niet gereageerd. Het is onduidelijk waarom niet, maar het is volgens de voorzieningenrechter niet aannemelijk dat Fatboy wist dat ZET al in 2017 was overgestapt op het gebruik van de labels.

Kortom: er is wel sprake van een spoedeisend belang.

Zal het verweer van ZET in een bodemprocedure slagen?

Vervolgens moet de rechter beoordelen in hoeverre het inhoudelijke verweer van ZET in een bodemprocedure kans van slagen heeft. Kort gezegd komt het oordeel op het volgende neer:

  • Fatboy heeft niet gereageerd op de vraag van ZET of zij ermee akkoord was dat ZET de labels ging gebruiken. ZET mocht er dan ook niet van uitgaan dat partijen afspraken hebben gemaakt die afwijken van de afspraken in de vaststellingsovereenkomst.
  • ZET heeft onvoldoende onderbouwd dat de overeenkomst in strijd met het mededingingsrecht zou zijn.
  • Fatboy heeft haar klachtplicht niet geschonden. Het gaat om een verplichting van ZET om iets na te laten en daarop is de klachtplicht van artikel 6:89 BW niet van toepassing;
  • De producten van ZET kwalificeren als “zitzakken”. Fatboy heeft die term niet te ver opgerekt.
  • Het staat vast dat ZET producten voorziet van een rechthoekig label langs de zijkant van het kussen. Dat is niet toegestaan op grond van de overeenkomst.
  • Fatboy heeft ZET naar behoren in gebreke gesteld.

Veroordeling ZET

De voorzieningenrechter veroordeelt ZET dan ook om de vaststellingsovereenkomst na te komen op straffe van verbeurte van een dwangsom. Daarnaast moet ZET een deel van de proceskosten van Fatboy vergoeden (maar niet de volledige, omdat het een nakomingsvordering betreft).

Conclusie

Fatboy kon in dit geval op basis van de bepalingen uit de vaststellingsovereenkomst met succes nakoming van de overeenkomst vorderen. Afspraak is afspraak, zo blijkt maar weer.

Zelf vragen over een vaststellingsovereenkomst? We helpen je graag! Neem vrijblijvend contact op: 013 207 71 07 / info@lawfox.nl

Naar blog overzicht

IT norm