Door Nick Vrugt | Algemeen | 27 januari 2021 | 2 min. leestijd
In De Telegraaf is een artikel verschenen over anonimiteit van personen op het internet. Dit vanwege de rol die “anonieme” gebruikers, van bijvoorbeeld Snapchat, spelen bij de ongeregeldheden naar aanleiding van de ingevoerde avondklok.
Voor dit artikel vroeg De Telegraaf aan Wouter Dammers in hoeverre personen op het internet daadwerkelijk anoniem zijn.
“Anonimiteit op het internet is een illusie”
Personen wanen zich op het internet (vaak) anoniem. In zekere mate is dat ook zo. Gebruikers kunnen in veel gevallen onder een pseudoniem (bijvoorbeeld anoniempje123) berichten plaatsen. In zo een geval is niet direct zichtbaar wie er achter dat pseudoniem schuilgaat.
Voor ondernemingen en burgers kan het lastig zijn om identificerende gegevens van dit soort anonieme personen op het internet te achterhalen. Onmogelijk is het niet altijd. Als iemand onmiskenbaar onrechtmatig handelt, dan is het mogelijk om – al dan niet na tussenkomst van een rechter – NAW-gegevens van die persoon te verkrijgen. Dit kan bijvoorbeeld door social media platforms of providers die een relatie hebben met de gebruiker om afgifte van de daar beschikbare gegevens te verzoeken. Of om hen daartoe te dwingen met een vonnis.
Over een voorbeeld van zo een civielrechtelijk verplichte afgifte van NAW-gegevens lees je in deze eerdere blog.

Maar wanneer een persoon, die zich anoniem waant, via het internet een strafbaar feit pleegt (zoals opruiing), dan ligt het anders. Die persoon krijgt dan te maken met speciale bevoegdheden van opsporingsdiensten. Bevoegdheden die private partijen niet hebben. In zo’n geval kunnen opsporingsdiensten social media platforms of providers in sommige gevallen bevelen om de bij hen beschikbare NAW-gegevens van de gebruiker af te geven.
In het geval van Snapchat geldt dat een account vereist is voordat content kan worden geplaatst. Snapchat beschikt in dat kader over verschillende gegevens van haar gebruikers, zoals een gebruikersnaam, mogelijk een e-mailadres, een IP-adres en/of een IMEI-nummer van de gebruikte telefoon. Via deze gegevens kunnen de opsporingsdiensten achterhalen welke persoon er achter de anoniem gewaande gebruiker zit.
Voor programma’s als SnapChat en Tiktok heb je een account nodig. Daarbij is vaak ook je IMEI-nummer van je telefoon bekend, of je ip-adres. Daarmee kunnen opsporingsdiensten naar providers toe, zegt Dammers.
Kortom, echt anoniem ben je op het internet niet.
Lees het volledige artikel hier (link verwijst naar artikel achter betaalmuur).