Door Wouter Dammers | Contractenrecht | 12 september 2022 | 15 min. leestijd
In februari berichtten wij over onze primeur dat een Nederlandse rechter voor het eerst een beslag tot afgifte op een NFT heeft toegestaan. Na de beslaglegging is de betreffende NFT door de deurwaarder in gerechtelijke bewaring gehouden tot de rechter beslist aan wie het moet worden afgegeven. De rechtszaak heeft inmiddels plaatsgevonden. Het heeft ertoe geleid dat het eigendom op de Cryptobatz-NFT inmiddels is overgedragen aan onze cliënt. In dit artikel lichten we toe hoe we deze zaak tot een goed einde hebben gebracht voor onze cliënt.
Wat is een NFT?
Voordat we daartoe overgaan eerst nog eens een korte uitleg. In deze zaak gaat het om een NFT. Een NFT is in feite niets meer of minder dan een stukje code dat geregistreerd staat op de blockchain. De blockchain is een digitaal grootboek, waarin transacties in blokken op cryptografische wijze staan opgeslagen en welke blokken cryptografisch aan elkaar zijn verbonden. Het verrichten van transacties op de blockchain kan enkel door degene die daarvoor de cryptografische publieke- en privésleutel heeft. Eén en ander heeft tot gevolg dat de transacties volledig openbaar, verifieerbaar en onaantastbaar zijn geregistreerd. Digitale informatie is daardoor uniek, niet-kopieerbaar en schaars te maken. Een unicum in de digitale revolutie.
Er is een groot aantal blockchains en protocollen dat ieder zijn eigen eigenschappen heeft. In dit geval gaat het om de Ethereum-blockchain en het ERC-720 protocol. Dat protocol maakt het mogelijk om “smart contracts” te draaien. Stukjes code die automatisch uitgevoerd worden (“als invoer X dan uitvoer Y”). Dit maakt het ook mogelijk om stukjes informatie te registreren op de blockchain, zoals afbeeldingen, video en audio. Hiermee krijgt deze informatie een eigen identificatiekenmerk mee, waardoor de informatie uniek, niet-kopieerbaar en waarde krijgt: NFT’s. Deze NFT’s zijn ook verhandelbaar op de blockchain, doorgaans tegen de cryptovaluta Ether (“ETH”). Bij verhandeling van een NFT wijzigt de koppeling van cryptografische sleutels van de oude naar de nieuwe eigenaar. De oude eigenaar kan daardoor niet meer over de NFT beschikken, de nieuwe wel.
In dit geval gaat het om een NFT van het “Cryptobatz”-project. De NFT in kwestie verwijst naar een afbeelding van een vleermuis. Tijdens de escalatie van het conflict was de geschatte waarde van de NFT zo’n EUR 20.000,-.

Handel in NFT’s
Partijen kwamen met elkaar in gesprek over de handel in cryptocurrencies. De tegenpartij, we noemen hem wegens privacyredenen hier “Ozzy”, meent daarvan veel verstand te hebben. Onze cliënt, “Sharon”, had die kennis niet. Zij heeft Ozzy daarom geregeld om advies verzocht, en ook gevraagd om voor hem NFT’s aan te schaffen. Sharon vertrouwde Ozzy volledig. Zo heeft zij Ozzy flinke sommen geld ter beschikking gesteld om voor hem NFT’s te kopen. De afspraak was dat Ozzy de NFT’s voor Sharon zou kopen. Ozzy deed dit belangeloos, terwijl de winst Sharon zou toekomen.
Opdrachtovereenkomst tot koop van de Cryptobatz-NFT
Op 20 januari 2022 om 16:25 uur heeft Ozzy Sharon gewezen op het Cryptobatz-project. Die nacht, om 0:30 uur ging de publieke verkoop van dit nieuwe project van start (ook wel bekend als het moment van “minten”). Ozzy heeft Sharon daarvoor warm gemaakt voor de koop van een Crypobatz. De publieke verkoop zou waarschijnlijk gelijk uitverkocht raken, de waarde van de NFT zou waarschijnlijk snel omhoog gaan en als je een speciale NFT ontvangt, dan zou je “echt binnen” zijn, stelt Ozzy.
Net als bij eerdere transacties, laat Sharon Ozzy daarop weten dat hij wel een Cryptobatz wil laten kopen door Ozzy. Ozzy had daar echter onvoldoende middelen voor. Sharon stelt daarom voor om geld te storten, zodat Ozzy cryptovaluta kan kopen en voor hem een NFT kan minten. Ozzy reageert dat hij hoopt dat hij er een voor Sharon kan minten. De Overeenkomst komt daarmee tot stand.
Sharon geeft uitvoering aan de Overeenkomst en stort EUR 3.750,- aan Ozzy, en draagt hem 0.4 ETH over. Dit gebeurt ongeveer twintig minuten voor het “minten”.
Het “minten” gebeurt vervolgens om 0:30 uur en het project raakt – zoals verwacht – al gauw uitverkocht. Ozzy stelt vervolgens voor om óf te wachten tot na de reveal, óf om er toch nog één te bemachtigen. Sharon verzoekt om het nu te proberen. Daarmee staat vast dat partijen hebben afgesproken dat Ozzy vóór de reveal een Cryptobatz voor Sharon zal kopen.
Ozzy geeft daaraan gehoor. Diezelfde nacht, tussen 01:00 en 01:21 – en dus pas ná het uitverkocht raken van het project – zorgt Ozzy ervoor dat hij eindelijk de middelen van Sharon in gereedheid heeft gebracht voor de koop van een Cryptobatz voor Sharon.
Op 21 januari 2022 om 03:21 koopt Ozzy Cryptobatz met Token-ID XXX1. Ozzy bevestigt dat deze transactie is gelukt.
Vóór de reveal hebben partijen nog overleg over de verkoop van deze NFT als de waarde hiervan gaat stijgen.
Uit het voorgaande volgt dus dat de Overeenkomst er op zag dat Ozzy voor Sharon Cryptobatz #XXX1 kocht. Daaraan is uitvoering gegeven.
Wat die NFT inhoudt werd op 22 januari om 0:00 uur, met de ‘reveal” duidelijk. Zichtbaar werd dat het een zeldzame Cryptobatz betreft, met unieke kenmerken. Het bleek een “Top 100”-Cryptobatz te zijn (van de 9999 stuks).
Na de reveal, op 22 januari om 00:10 uur, verzoekt Sharon om afgifte van de Crytpobatz.
Pas 8 uur ná de koop van de Cryptobatz (21 januari 2022 om 11:37 uur) geeft Ozzy aan van plan te zijn nog wat te “sellen” (verkopen) zodat er nog wat “gesniped” (gekocht) kan worden. Hij besluit dán dus pas om óók een Cryptobatz te kopen – voor zichzelf. Dit stemt ook overeen met de handelingen die Ozzy vervolgens op de blockchain verricht: op 22 januari om 01:08 uur ontvangt Ozzy 1.54 ETH vanuit (waarschijnlijk zijn eigen account bij) cryptowisseldienst Coinbase. Met een beperkt aanvullend saldo dat nog aanwezig was op zijn wallet koopt hij vervolgens Crytpobatz #XXX2.
Sharon ziet dat Ozzy deze NFT heeft gekocht en uit correspondentie blijkt dat hij stelt dat Ozzy dit voor zichzelf heeft gedaan.
Sharon herhaalt tijdens de gesprekken herhaaldelijk zijn verzoek aan Ozzy om hem Cryptobatz #XXX1 toe te sturen.
Pas daarna bevestigt Ozzy de koop van Cryptobatz #XXX2. Ozzy betwist dan dus niet dat hij Crytpobatz #XXX2 voor zichzelf heeft gekocht, laat staan dat hij aangeeft dat hij deze voor Sharon zou hebben gekocht.
Wanneer Sharon Ozzy nogmaals vraagt om Cryptobatz #XXX1 aan hem te sturen reageert Ozzy afwijzend.
Daarop stuurt Ozzy de verkeerde Cryptobatz, nr. #XXX2, aan Sharon. Sharon heeft daarop zijn advocaat ingeschakeld en de politie ingelicht over de diefstal.
Uit de publiekelijk verifieerbare transactiegeschiedenis op de blockchain blijkt echter evident dat Ozzy éérst Cryptobatz #XXX1 heeft gekocht van de middelen van Sharon – waarover partijen evident overleg hebben gevoerd – en daarná, met zijn eigen Coinbase-middelen Cryptobatz #XXX2 – waarover partijen geen overleg hebben gevoerd.
Sharon stuurt Ozzy een ingebrekestelling en probeert er nog uit te komen. Ozzy weigert echter uitdrukkelijk om Crtypobatz #XXX1 over te dragen.
Toch voelt Ozzy zich kennelijk niet helemaal op zijn gemak, en draagt hij Cryptobatz #XXX1 over naar een andere, net aangemaakte wallet. Deze verduistering doet Sharon ertoe besluiten om de rechtbank te verzoeken om beslag te laten leggen op de NFT. Na verlof en voorbereiding wordt dit beslag op 9 februari jl gelegd. Vanwege de door Ozzy gecreëerde onduidelijkheid over aan wie de derde wallet toebehoort, was het noodzakelijk om hiervoor op twee locaties beslag te leggen. Het beslag is echter raak. De NFT wordt in gerechtelijke bewaring gegeven aan de deurwaarder. De rechtbank zal zich vervolgens moeten buigen over de vraag of Ozzy verplicht is tot afgifte.
Een tussentijds voorstel om tot een regeling te komen wordt door Ozzy afgewezen. Sharon besluit daarom om tot dagvaarding over te gaan. Ozzy verweert zich vervolgens bij conclusie van antwoord, waarna een mondelinge behandeling bij de rechtbank wordt gepland. Deze mondelinge behandeling vond op 30 augustus 2022 plaats.
Legal design
Omdat we overtuigd zijn van de kracht van legal design, hebben we voor de mondelinge behandeling deze Cryptobatz NFT infographic over de zaak laten maken, om de hierboven genoemde feiten en omstandigheden te verduidelijken voor de rechter. Ook hebben we een net opgemaakt transactieoverzicht overgelegd, met een duidelijke toelichting dat hieruit onomstotelijk blijkt dat Cryptobatz #XXX1 voor Sharon is gekocht.
Eigendom op NFT’s
Sharon heeft in de rechtszaak beargumenteerd dat op NFT’s eigendomsrechten kunnen rusten. In soortgelijke zaken in Engeland / Wales en Singapore heeft de rechtbank al geoordeeld dat de eigenaar van NFT’s eigendomsrechten kan uitoefenen. Deze rechters hebben zich dus al positief uitgelaten over de toepassing van de bestaande wetgeving op dit nieuwe fenomeen. Dat er ook volgens Nederlands recht eigendom op de NFT’s in kwestie rust, is in de juridische literatuur uitgebreid beargumenteerd. Sharon heeft zich op het standpunt gesteld dat het eigendom op de Cryptobatz-NFT in kwestie haar toekomt.
NFT als zaak?
Zo blijkt uit de juridische literatuur dat Van der Steur, die een functionele benadering van het zaaksbegrip hanteert (de eisen van menselijke beheersbaarheid en stoffelijkheid dienen volgens haar te worden verklaard in het licht van de overkoepelende term ‘individualiteit’) dat NFT’s zelfs als zaak zouden kunnen kwalificeren. De aanschaffer van de NFT kan namelijk door middel van de privésleutel beschikken over de token, en het is voor derden kenbaar dat op deze heerschappij geen inbreuk mag worden gemaakt, doordat transacties onveranderlijk worden vastgelegd.
Ook in het kader van de opportuniteitsleer van Kleve (het is de rechter die in het licht van de eisen van het praktische rechtsleven beslist of een object een zaak is), kunnen NFT’s als zaak kwalificeren. Immers worden de unieke tokens beschouwd als een vorm van digitale eigendom (in tegenstelling tot een reproduceerbaar gegevensbestand). NFT’s worden binnen decentralized finance ook gebruikt als drager van een zekerheidsobject. Zaakskwalificatie vergemakkelijkt het eigendomsgebruik. Ook een vuistpandrecht door de privésleutel buiten de macht van de schuldenaar te brengen, en een stil pandrecht kan door afgifte van de privésleutel worden omgezet in een vuistpandrecht.
Dit sluit tevens nauw aan bij de benadering van de Hoge Raad, die volgens Tjong Tjin Tai in het Beeldbrigade-arrest in het midden laat of software ‘voor menselijke beheersing vatbaar is’ maar vaststelt dat een onstoffelijk doch beheersbaar object centraal staat, hetgeen dicht tegen zaakskwalificatie aan ligt. Reehuis & Heisterkamp en Van Erp & Loof komen op basis van het Beeldbrigade-arrest tot de conclusie dat software voor menselijke beheersing vatbaar is: Sharon kan daarover feitelijke macht uitoefenen en het gegevensbestand is voor menselijke beheersing vatbaar.
De aanschaffer van een NFT kan met zijn privésleutel beschikken over een cryptografische token en deze token via smart-contractplatformen overdragen aan een ander. NFT’s zijn derhalve te kwalificeren als een digitaal object in een gedecentraliseerde omgeving. Een absoluut recht sluit aan bij de aard van de token en de economische realiteit. De tokens worden immers op grote schaal als ‘eigendom’ verhandeld en zelfs verpand. Een remedie als revindicatie wordt dan ook toepasselijker geacht dan, slechts een ‘zwakkere’ verbintenisrechtelijke aanspraak.
NFT als vermogensrecht?
Anderen in de literatuur beargumenteren dat NFT’s als absoluut vermogensrecht kwalificeren. (Subjectieve) vermogensrechten zijn rechten die, hetzij afzonderlijk, hetzij tezamen met een ander recht, overdraagbaar zijn, of ertoe strekken de rechthebbende stoffelijk voordeel te verschaffen, ofwel verkregen zijn in ruil voor verstrekt of in het vooruitzicht gesteld stoffel voordeel (art. 3:6 BW). In het algemeen hebben ze de eigenschap op geld waardeerbaar te zijn. Een vermogensrecht is een bijzondere, door het recht aan iemand toegekende bevoegdheid. Het geeft invulling aan het begrip ‘goed’ en het verduidelijkt dat bepaalde bevoegdheden erkend zijn in het privaatrecht, en dat een inbreuk hierop een onrechtmatige daad oplevert. Vermogensrechten zijn vatbaar voor overdraagbaarheid, verpandbaarheid en beslag.
Allereerst is duidelijk dat NFT’s ertoe strekken de aanschaffer stoffelijk voordeel te verschaffen.
Goederen zijn vermogensbestanddelen op objecten als voorwerpen of op bepaalde fenomenen die zich door reïficatie als object aandienen (zoals intellectuele eigendomsrechten en vorderingsrechten). Daarmee is ruimte voor erkenning van nieuwe objecten in het goederenrecht. De Jong stelt dat als het object voldoende vermogensrechtelijk gewicht heeft, het een soort absoluutrechtelijke bescherming verkrijgt en het vervolgens mogelijk moet zijn om het goederenrechtelijke arsenaal van toepassing te verklaren. De Jong stelt daarom dat een domeinnaam een zelfstandige voorwerpelijke status heeft en net als een zaak of een intellectueel eigendomsrecht een goederenrechtelijk recht betreft. Voor bepaalde onstoffelijke goederen geldt dat deze door maatschappelijke en technologische ontwikkelingen kunnen worden gekwalificeerd als een nieuw object van een recht. Of een object voldoende voorwerpelijkheid heeft is volgens hem afhankelijk van de verkeersopvattingen, hetgeen inhoud krijgt door de wijze waarop het object wordt gebruikt in het maatschappelijk verkeer.
Doerga betoogd dat een NFT als een zelfstandige entiteit fungeert in het maatschappelijk verkeer. Het is de token waarover een persoon de beschikkingsmacht kan uitoefenen en deze token kan verhandeld worden op NFT-marktplaatsen en is mogelijk verpandbaar als zekerheidsobject. Een aanschaffer van een NFT kan de beschikkingsmacht uitoefenen over de token, en niet louter een vorm van exclusieve beschikkingsmacht. Een NFT dient in de leer van De Jong derhalve te worden beschouwd als een goederenrechtelijk recht.
Tweehuysen meent dat een (fungible) token als bitcoin moet worden aangemerkt als een absoluut vermogensrecht, vanwege de plaats die bitcoin inneemt: ze lijken op zaken maar zijn het niet, en daarom passen zij als absolute vermogensrechten in het stelsel van de wet naast wel in de wet geregelde gevallen zoals intellectuele eigendomsrechten en zaken. Snijders en Verstijlen sluiten zich hierbij aan.
Vanwege de uitsluitende beschikkingsbevoegdheid om gebruik te kunnen maken van NFT’s en de onvervangbaarheid van het object, is er om economische en sentimentele redenen nog meer noodzaak dan bij bitcoins om een absolute aanspraak op NFT’s te erkennen. Doerga besluit dat door het niet-inwisselbare karakter een NFT in het maatschappelijk verkeer nog meer dan een bitcoin fungeert als een vermogensrecht. NFT’s worden beschouwd als uniek digitaal eigendom, verpand via NFT-platformen en op grote schaal verhandeld vanwege de schommelende en vaak explosief toenemende waarde. Deze waarde is daarbij het gevolg van het niet-inwisselbare en exclusieve karakter van de NFT. Het niet-inwisselbare karakter heeft tot gevolg dat NFT’s kunnen worden beschouwd als een digitale equivalent van een fysieke zaak. NFT’s zijn niet-reproduceerbaar en exclusief van aard. Dit unieke karakter rechtvaardig, nog meer dan bij andere digitale objecten, een plek in het goederenrecht. De kwalificatie als zaak of absoluut vermogensrecht is het enige pad om tegemoet te komen aan de belangen van de aanschaffer. Daarmee wordt erkend dat een aanschaffer aanspraak heeft op de token en de NFT kan revindiceren. Juist vanuit het oogpunt van doelmatige ordening is het opportuun om een absoluut vermogensrecht te erkennen met betrekking tot het onstoffelijke equivalent van een stoffelijk voorwerp: een dergelijk recht sluit aan bij het zaaksbegrip en is in wezen ‘spiegelbeeldig’, aldus Doerga.
Eigendom voor koper doordat NFT is gekocht door tussenpersoon
Voor de rechtbank is beargumenteerd dat naar verkeersopvatting worden geoordeeld dat Ozzy de Cryptobat voor Sharon hield en overigens op grond van uiterlijke feiten (art. 3:108 BW). Daarbij is art. 3:110 BW relevant. Uit art. 3:110 BW volgt dat de tussenpersoon die in eigen naam maar in opdracht van een ander handelend een roerende zaak koopt het bezit verwerft voor die ander.
Of sprake is van zo’n rechtsverhouding kan onder meer het gevolg zijn van het sluiten van een overeenkomst (of een poging daartoe) en is blijkens de wetsgeschiedenis afhankelijk van hoe de verkeersopvatting ligt. Dit wordt meestal geleid door hetgeen bij een normale werking van de rechtsverhouding de bedoeling van partijen zal zijn. Het geven van opdracht kan volgens de literatuur een 3:110-rechtsverhouding zijn.
Hierbij is van belang dat Sharon Ozzy een bedrag in cryptovaluta en geld ter beschikking had gesteld om de NFT voor hem te kopen. Ozzy had bovendien zelf onvoldoende geld voor de NFT om hem samen te kopen. Ook heeft Ozzy steeds aangegeven de NFT voor Sharon te kopen, en dat bij hem het risico zal liggen. De bedoeling van partijen was derhalve dat Ozzy in eigen naam, maar in opdracht van Sharon, de NFT heeft gekocht. Zonder deze rechtsverhouding zou Ozzy de NFT niet hebben verkregen.
Dat dit de bedoeling van partijen was, blijkt ook wel uit het feit dat partijen al vaker dergelijke transacties deden: Ozzy had reeds eerder al andere NFT’s voor Sharon gekocht, waarvoor Sharon ook had betaald, die later ook wél aan Sharon ter beschikking waren gesteld.
Dat Ozzy ten tijde van de verkrijging van de feitelijke heerschappij (of beter gezegd: na de reveal) niet de wil zou hebben gehad de Cryptobatz voor Sharon, maar voor zichzelf, te houden, doet niet ter zake. De subjectieve wil staat buiten spel: de feiten dienen tegen de achtergrond van de rechtsverhouding bekeken te worden. De (innerlijke) wil van Ozzy om de NFT voor zichzelf te houden is onvoldoende. Uit uiterlijk feiten is niet gebleken dat Ozzy voor zichzelf wilde houden.
De facto is de Cryptobat dus aan Ozzy geleverd, maar de iure aan Sharon. Het bezit dat Ozzy verkrijgt op de Cryptobat is derhalve verworven voor Sharon. Dit betekent dat het bezit op de Cryptobat dus rechtstreeks aan Sharon heeft plaatsgevonden, waardoor ook de levering en daarmee in beginsel ook overdracht aan Sharon plaatsvond. Dit betekent dat er sprake is van een geldige titel voor levering, en daarmee overdracht. Sharon was dus eigenaar geworden van de Cryptobat.
Vorderingen
Sharon heeft daarom verzocht om afgifte van de Cryptobatz. Bovendien vorderde Sharon schadevergoeding, doordat ze in de tussentijd de Cryptobatz niet heeft kunnen verkopen.
Minnelijke regeling
Na partijen te hebben aangehoord heeft de rechter partijen gevraagd of zij nog eens met elkaar in overleg willen. Dit heeft ertoe geleid dat partijen alsnog tot overeenstemming zijn gekomen om onderling het geschil op te lossen. De regeling is in een proces-verbaal opgenomen en heeft daarmee een executoriale titel verkregen. Partijen hebben de gerechtelijk bewaarder geïnstrueerd om de Cryptobatz af te geven aan Sharon. Ozzy betaalt Sharon bovendien een fikse schadevergoeding wegens de gemiste verkoopkansen.
Wil je meer weten over deze zaak, over beslag op NFT’s of beslag op Bitcoins, Ether of andere cryptovaluta? Bel of mail ons gerust. 013-2077107 / info@lawfox.nl