Wij merken dat buitenlandse bedrijven graag in Nederland procederen over octrooirecht. Dat heeft te maken met het aantrekkelijke procedurele regime in Nederland. Ook krijgen we geregeld vragen hoe zo’n octrooirechtprocedure in Nederland eruit ziet, en welke mogelijkheden er zijn. In deze blog leg ik uit welke verschillende procedures we in Nederland kennen, en wat daarbij de mogelijkheden zijn.

rechtszaak

Gespecialiseerde octrooirechter

Nederland kent een gespecialiseerde octrooirechter in Den Haag. Er kan geprocedeerd worden bij de rechtbank en zo nodig kan men in hoger beroep bij het gerechtshof. Voor toezicht op rechtseenheid en rechtsontwikkeling kan de zaak daarop soms nog naar de Hoge Raad.

Verschillende procedures voor octrooirecht

We kennen verschillende mogelijke procedures voor octrooirechtszaken: Allereerst kennen we een gewoon regime en een versneld regime voor bodemzaken. Daarnaast kennen we een snelle voorlopige voorziening door middel van een kort geding, en zelfs de mogelijkheid om de rechter eenzijdig te verzoeken om een octrooiinbreuk te verbieden door middel van de zogenaamde ex parte (hoewel niet veel gebruikt in octrooizaken). 

De Nederlandse rechtspraak staat het toe om inbreuken en geldigheid van octrooien in dezelfde procedure ter sprake te laten komen (in tegenstelling tot bijvoorbeeld Duitsland). 

Versnelde bodemprocedure voor octrooirecht

Een versnelde bodemprocedure duurt ongeveer 12 tot 18 maanden, en kent strikte termijnen. Een versnelde bodemprocedure kan worden verzocht bij de rechtbank. Dit wordt gewoonlijk toegewezen.

FRAND

Een uitzondering geldt in ieder geval voor zogenaamde FRAND-zaken. Dit zijn zaken die te maken hebben met de mogelijkheid om de octrooihouder verplicht toegang te verschaffen tot geoctrooieerde technologie die aan een bepaalde standaard een grondslag ligt onder eerlijke, redelijke en niet-discriminerende voorwaarden (fair, reasonable and non-discriminatory, vandaar “FRAND”). 

Verloop van een versnelde bodemprocedure voor octrooirecht

Een versnelde bodemzaak kan plaatsvinden door daartoe een verzoek te doen aan de rechtbank. Na toestemming moet de dagvaarding vlot aangebracht worden bij de vermeend inbreukmaker (ca. 3 weken). Daarna moet de dagvaarding worden aangebracht op de rol. De tegenpartij heeft dan 10 weken de tijd daarop schriftelijk te reageren. Dat verweer bevat vaak ook een tegenvordering, zoals vernietiging van het octrooi. De initiële eiser krijgt dan ook 8 weken de tijd om (enkel) op de tegenvordering te reageren. Daarna is de schriftelijke ronde afgerond en kan een mondelinge behandeling worden behandeld. Eventuele laatste bewijsstukken kunnen 4 weken voor de mondelinge behandeling worden ingediend. Een mondelinge behandeling duurt normaal gesproken zo’n 6 uur, waarbij beide partijen hun standpunt kunnen toelichten, en de rechtbank de partijen vragen kan stellen, Geregeld zal de rechtbank de partijen ook vragen of een schikking tot de mogelijkheden behoort. Komt het niet tot een schikking, dan zal de rechtbank vonnis wijzen. Het wijzen van een vonnis kan 2 tot 8 maanden duren, afhankelijk van de drukte bij de rechtbank.

Indien, om welke reden dan ook, getuigen of deskundigen moeten worden benoemd, of indien andere procedurele ‘incidenten’ plaatsvinden, zal de rechter bepalen dat de zaak wordt verwezen naar een ‘gewone’ bodemprocedure. Ook indien een FRAND-verdediging wordt opgeworpen, zal de zaak verwezen worden naar de gewone bodemprocedure.

Gewone bodemprocedure voor octrooirecht

Een gewone procedure kan al gauw 14 tot 20 maanden duren, terwijl daarbij nog verlengingen mogelijk zijn. In een bodemprocedure kunnen alle mogelijke instrumenten worden ingezet, zoals een verbod, een recall en de vernietiging van alle inbreukmakende goederen. Bovendien kan schadevergoeding worden gevorderd.

Kort geding voor octrooirecht

Een kort geding is een snelle, flexibele procedure om een voorlopige voorziening te krijgen, zoals een tijdelijk staken van de vermarkting van inbreukmakende goederen. Een vonnis kan worden verkregen binnen zo’n 3 tot 4 maanden vanaf dagvaarding – afhankelijk van de spoedeisendheid.

Wel moet een kort geding worden gevolgd door een bodemzaak. Daarnaast kan een kort geding niet gebruikt worden voor schadevergoeding. 

Proceskosten in octrooizaken

De Nederlandse rechtspraak kent een volledige proceskostenvergoeding in octrooirechtszaken. Dit betekent dat de verliezende partij alle kosten moet betalen. Octrooirechtszaken zijn vaak zeer complex en brengen veel kosten met zich mee. De volledige proceskostenveroordeling maakte dit soort procedures, met name voor MKB, te duur. De rechtspraak heeft daarom per 1 september 2020 indicatietarieven geïntroduceerd voor octrooirechtszaken bij de rechtbank. Dergelijke indicatietarieven kenden we al langer in andere intellectuele eigendomsrechtszaken, zoals bij auteursrechtinbreuken en merkinbreuken. 

De indicatietarieven maken een onderscheid in de soort zaak, en de mate van complexiteit van de zaak. Gewoonlijk zal een octrooizaak kwalificeren als een normale of complexe rechtszaak. 

In kort geding gelden dan indicatietarieven van maximaal EUR 40.000,- voor normale procedures en maximaal EUR 80.000,- voor complexe procedures. Simpele procedures, die minder voorkomen, kennen een maximale proceskostenvergoeding van EUR 10.000,-, terwijl zeer complexe procedures (zoals in geval van FRAND-zaken, of in complexe life sciences octrooien) een maximale proceskostenvergoeding van EUR 120.000,- kennen. 

In bodemzaken bedragen de maximale indicatietarieven bij gewone zaken maximaal EUR 75.000,-, en bij complexe zaken maximaal EUR 150.000,-. In simpele zaken zijn de indicatietarieven maximaal EUR 35.000,- en in zeer complexe zaken maximaal EUR 250.000,-.

Meer weten over octrooirecht? Bel of mail ons gerust.

Naar blog overzicht

rechtszaak

Mannelijke advocaat met bril, donkere kleding, oranje achtergrond. LAWFOX

Wouter Dammers / Over de auteur

Als oprichter van LAWFOX combineert Wouter Dammers cum laude juridische expertise met een diepe technische achtergrond. Hij is de advocaat voor ondernemers die de ‘uitleg-fase’ willen overslaan. Wouter snapt direct wat uw API, blockchain-protocol of IT-stack doet. Hij staat bekend als de juridische rebel die strijdt tegen technologisch machtsmisbruik en ‘vendor lock-in’. Met baanbrekende successen, zoals het eerste NFT-beslag in Nederland, bewijst hij dat het recht ook in Web3 gehandhaafd kan worden. Wouter biedt “Champions League kwaliteit in spijkerbroek”: topniveau advocatuur, maar dan toegankelijk, direct en zonder poeha.